Ondergroep (wiskunde)

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

In de groepentheorie is een ondergroep of deelgroep[1] H van een gegeven groep G met de groepsbewerking * een deelverzameling van G die zelf ook een groep is bij dezelfde groepsbewerking *. Dat H een ondergroep is van G, wordt genoteerd met HG.

Definitie

De deelverzameling HG van een groep (G,*) heet een ondergroep van (G,*), als H met de groepsbewerking * van (G,*) zelf een groep is.

Dat houdt in dat de beperking van de bewerking * tot H voldoet aan de axioma's voor groepsbewerking.

Als de ondergroep H van een groep G gevormd wordt door een echte deelverzameling van G, is (H,*) een echte ondergroep van (G,*). Voor iedere groep G is er de triviale ondergroep met alleen het neutrale element.

Nevenklassen

Gegeven een groep (G,*) en een ondergroep HG, dan onderscheidt men voor ieder element gG de nevenklassen van g in G. De linkernevenklasse gH van H bepaald door g is

gH={ghhH}

en de rechternevenklasse Hg

Hg={hghH}.

Iedere ondergroep H van een groep G heeft in G altijd evenveel linker- als rechternevenklassen. Een ondergroep heet een normaaldeler van de groep als linker- en rechternevenklassen samenvallen.

Orde

Voor een eindige groep G kan de orde, dat wil zeggen het aantal elementen, van die groep door de orde van alle ondergroepen H ervan worden gedeeld. Dat is de stelling van Lagrange. Het quotiënt van de orde van G en van H is het aantal nevenklassen van H in G.

Eigenschappen

  • Het neutrale element van een ondergroep HG is hetzelfde als het neutrale element van G zelf.
  • De inverse h1 van een element hH in een ondergroep HG is gelijk aan de inverse h1 van het element in de groep hG.
  • De doorsnede van twee ondergroepen is ook een ondergroep.
  • Een deelverzameling HG is dan en slechts dan een ondergroep van de groep G, als in H tenminste het neutrale element voorkomt, H gesloten is onder de groepsbewerking en de inverse h1 van ieder element hH ook een element van H is. Dit houdt in: dat met a,bH ook abH en a1H.
  • Als H eindig is, dan is H dan en slechts dan een ondergroep van G, als H gesloten is onder vermenigvuldiging. In dit geval genereert elk element aH een eindige cyclische ondergroep van H en is de inverse van a gelijk aan a1=an1, waarin n de orde is van a. Dat betekent dat n het kleinste getal is, zodat an=e met e het neutrale element van G en van H.
  • Ieder element a van een groep G genereert een cyclische ondergroep a. Als er een positief geheel getal n is zodanig dat a isomorf is met /n, dan is n gelijk aan de orde van a. Is a isomorf met , dan zegt men dat a van een oneindige orde is.
  • Voor een deelverzameling SG bestaat er een kleinste ondergroep H die S omvat. H is de doorsnede van alle ondergroepen die S omvatten, wordt aangeduid met S en de door S voortgebrachte ondergroep genoemd. Een element van G is dan en slechts dan een element van S als het een eindig product is van elementen van S en hun inverses.
  • De ondergroepen van een groep vormen onder inbedding een volledige tralie die de tralie van ondergroepen wordt genoemd.
  • Ondergroepen van cyclische groepen zijn ook cyclisch.
  • De vereniging van ondergroepen is alleen dan een ondergroep in het triviale geval dat een van beide ondergroepen de andere omvat.

Voorbeeld

Laat G={0,2,4,6,1,3,5,7} een commutatieve groep zijn met als groepsbewerking de optelling modulo acht. De cayley-tabel van de groep is

+ 0 2 4 6 1 3 5 7
0 0 2 4 6 1 3 5 7
2 2 4 6 0 3 5 7 1
4 4 6 0 2 5 7 1 3
6 6 0 2 4 7 1 3 5
1 1 3 5 7 2 4 6 0
3 3 5 7 1 4 6 0 2
5 5 7 1 3 6 0 2 4
7 7 1 3 5 0 2 4 6

Het neutrale element onder optellen van deze groep is 0. Deze groep wordt onder optellen door het element 1 voortgebracht, dus is een cyclische groep. De groep heeft een paar niet-triviale ondergroepen: J={0,4}, H={0,2,4,6} en J is een ondergoep van H. De cayley-tabel voor H bestaat uit het linkerboven kwadrant van de cayley-tabel voor G.

Sjabloon:Appendix

  1. In Nederland is ondergroep gebruikelijk, in Vlaanderen is deelgroep gangbaarder.