Normale matrix

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

In de lineaire algebra is een normale matrix een vierkante matrix van complexe getallen waarvan de eigenvectoren onderling loodrecht op elkaar staan.

Dat betekent dat een vierkante matrix A over de complexe getallen normaal is als A en de geconjugeerde getransponeerde matrix A* ervan commutatief zijn:

A*A=AA*

De geconjugeerde getransponeerde matrix A*[1] heeft als elementen de complex geconjugeerde elementen van de getransponeerde matrix van A

Een complexe matrix A is dan en slechts dan normaal wanneer A gelijksoortig met een diagonaalmatrix D is, dus zodat er een matrix U is waarvoor A=U1DU. De matrix U moet een unitaire matrix zijn.

Dit betekent dat A door een geschikte rotatie van de complexe basisvectoren in een diagonaalmatrix overgaat. Met andere woorden: A is dan en slechts dan normaal als er een diagonaalmatrix D en een unitaire matrix U bestaan, zodanig dat A=U1DU. Voor een reële normale matrix kan dit een complexe rotatie naar niet-reële basisvectoren zijn. De kolommen van U1 zijn de eigenvectoren van A

Voorbeelden

  • Iedere hermitische matrix is normaal, omdat daarvoor geldt dat A*=A. Om dezelfde reden zijn anti-hermitische matrices, waarvoor A*=A, normaal. Reële symmetrische en antisymmetrische matrices zijn hiervan bijzondere gevallen.
  • Iedere unitaire matrix is normaal. Een matrix is unitair wanneer A*A=I. Door van beide leden de geconjugeerde getransponeerde te nemen, wordt dit AA*=I. Onder de reële matrices zijn dit de orthogonale matrices.
  • Er bestaan ook normale matrices die niet tot een van deze bijzondere verzamelingen behoren, bijvoorbeeld
A=(110011101)
is normaal omdat
A*=(101110011)  en
AA*=(211121112)=A*A

Eigenschappen

ATA=AAT
  • Een complexe matrix A is dan en slechts dan normaal als A en de hermitische matrix A* van A commutatief zijn:
A*A=AA*

Oneindig-dimensionale ruimten

De spectraalstelling gaat er dieper op in wanneer matrices gelijkvormig zijn.

Een normale operator A in een complexe hilbertruimte is een begrensde lineaire operator of transformatie van de hilbertruimte, die met zijn toegevoegde operator commutatief is.

Voor normale operatoren bestaat een spectraaltheorie. Met iedere meetbare complexe functie f op het spectrum van de operator associeert men op natuurlijk wijze een operator f(A). Met de complex toegevoegde functie f correspondeert de geconjugeerde getransponeerde operator f(A*)=f(A)* en de vermenigvuldiging van functies gaat in de samenstelling van operatoren over.

Als de normale operator compact is, dan heeft de hilbertruimte een orthonormale schauderbasis, die volledig uit eigenvectoren van de operator bestaat.

Sjabloon:Appendix

  1. A*=AT, met de aantekening dat A de complex geconjugeerde van A is.