Kubusgetal

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

In de rekenkunde en de algebra is een kubusgetal een natuurlijk getal dat de derde macht is van een ander natuurlijk getal. Het natuurlijke getal k is dus een kubusgetal als er een natuurlijk getal n is, zodanig dat:

k=n3

De eerste tien kubusgetallen zijn:

0, 1, 8, 27, 64, 125, 216, 343, 512, 729, 1000, ... [1]

Een kubusgetal is een figuratief getal, waarvan de naam afgeleid is van de meetkundige vorm van de kubus. Een aantal bolletjes, waarbij het aantal een kubusgetal is, kan tot een kubus worden opgestapeld. Zo bestaat bijvoorbeeld een kubus met een ribbe van drie bolletjes in totaal uit 27 bolletjes.

Een volgend kubusgetal ontstaat door bij de kubus met n3 bolletjes 3 vlakken met n2 bolletjes, 3 ribben met n bolletjes en nog een hoekpunt van 1 bolletje te plaatsen. Daaruit volgt de recursieve betrekking tussen de opeenvolgende kubusgetallen:

(n+1)3=n3+3n2+3n+1

Dit komt met de binomiaalcoëfficiënten overeen in de vierde rij van de driehoek van Pascal.

Eigenschappen

De kubusgetallen ontstaan uit de opeenvolgende blokken van een oneven stijgend aantal natuurlijke getallen door de getallen per blok op te tellen :

11 3 58  7 9 1127  13 15 17 1964   21 23 25 27 29125 

Hieruit blijkt dat ieder kubusgetal n3 de som is van n opeenvolgende oneven getallen.

Uitgaande van de rij van de gecentreerde zeshoeksgetallen: 1, 7, 19, 37, 61, 91, 127, 169, 217, 271, ...[2] ontstaat het n-de kubusgetal als de som van de eerste n elementen van de rij:

1=18=1+727=1+7+1964=1+7+19+37125=1+7+19+37+61=

De som van de eerste n kubusgetallen is gelijk aan het kwadraat van het n-de driehoeksgetal:

i=1ni3=13+23++n3=(n(n+1)2)2

Elk natuurlijk getal kan als de som van ten hoogste negen kubusgetallen weergegeven worden, gegeven door de oplossing van het probleem van Waring voor de macht drie. 23 is er een voorbeeld van dat er 9 sommanden nodig kunnen zijn.weergegeven als

23=8+8+1+1+1+1+1+1+1,

maar het kan niet met minder sommanden, die een kubusgetal zijn.

Kubusgetallen als som van rijen[3]

Ieder kubusgetal n3 is de som van een rekenkundige rij van n getallen, met als eerste element n en als verschil 2n:

  • 23 = 2 + 6
  • 33 = 3 + 9 + 15
  • 43 = 4 + 12 + 20 + 28
  • 53 = 5 + 15 + 25 + 35 + 45
  • 63 = 6 + 18 + 30 + 42 + 54 + 66
  • 73 = 7 + 21 + 35 + 49 + 63 + 77 + 91 ...

Ieder kubusgetal n3 is ook de som van een rekenkundige rij van n oneven getallen, met als eerste element n2n+1 en steeds twee als verschil 2. Dat is hierboven al aangegeven.

  • 23 = 3 + 5
  • 33 = 7 + 9 + 11
  • 43 = 13 + 15 + 17 + 19
  • 53 = 21 + 23 + 25 + 27 + 29
  • 63 = 31 + 33 + 35 + 37 + 39 + 41
  • 73 = 43 + 45 + 47 + 49 + 51 + 53 + 55 ...

Elk kubusgetal n3 is ook de som van een rekenkundige rij van n getallen, die met (n2)2 begint en waarin het verschil steeds 8 is:

  • 23 = 0 + 8
  • 33 = 1 + 9 + 17
  • 43 = 4 + 12 + 20 + 28
  • 53 = 9 + 17 + 25 + 33 + 41
  • 63 = 16 + 24 + 32 + 40 + 48 + 56
  • 73 = 25 + 33 + 41 + 49 + 57 + 65 + 73 ...
De som van alle getallen in een vierkant van n op n vakjes, linksboven verankerd in deze oneindig uitbreidbare tabel, is gelijk aan de derdemacht van n.

Elk kubusgetal n3 is bovendien ook de som van een rekenkundige rij van n getallen, met als eerste element n(n+1)/2 en als verschil n:

  • 23 = 3 + 5
  • 33 = 6 + 9 + 12
  • 43 = 10 + 14 + 18 + 22
  • 53 = 15 + 20 + 25 + 30 + 35
  • 63 = 21 + 27 + 33 + 39 + 45 + 51
  • 73 = 28 + 35 + 42 + 49 + 56 + 63 + 70...

Ieder getal in zo een rij is zelf de som van n opeenvolgende getallen, bijvoorbeeld voor 53:

15 = 1 + 2 + 3 + 4 + 5
20 = 2 + 3 + 4 + 5 + 6
25 = 3 + 4 + 5 + 6 + 7
30 = 4 + 5 + 6 + 7 + 8
35 = 5 + 6 + 7 + 8 + 9

Een kubusgetal n3 is dus de som van alle getallen in een n op n vierkant met in de eerste rij de getallen 1 tot en met n en waarin de getallen in een volgende rij steeds één hoger zijn dan het getal erboven. De som van de getallen op de diagonalen van dit vierkant is het kwadraatgetal n2.

Een alternatieve manier om dit uit te drukken is: als N de som van alle natuurlijke getallen van 1 tot en met n is, dan is

n3=N+(N+n)+(N+2n)++(N+(n1)n)

Deze eigenschap is voor het eerst in 1763 door Georg Christoph Lichtenberg opgemerkt.[4]

Websites

Sjabloon:Appendix