Macht van een matrix

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Vierkante matrices kunnen met zichzelf worden vemenigvuldigd. Men spreekt net als bij getallen van machtsverheffen: er ontstaat een macht van een matrix. Zo is:

𝐀2=𝐀⋅𝐀 het kwadraat van 𝐀

en

𝐀n=𝐀⋅𝐀⋅…⋅𝐀, met n factoren 𝐀, de n-de macht van 𝐀.

Gesloten vorm

Als de matrix 𝐀 diagonaliseerbaar is, kan er een gesloten vorm voor de n-de macht van 𝐀 worden gevonden. Dan geldt:

𝐀=π“Ξ›π“βˆ’1,

waarin Ξ› een diagonaalmatrix is. De macht van een diagonaalmatrix is snel te bepalen, omdat:

𝐀n=π“Ξ›π“βˆ’1π“Ξ›π“βˆ’1β€¦π“Ξ›π“βˆ’1=𝐓Λnπ“βˆ’1.

Voorbeelden

Berekening

Bepaal de n-de macht van de matrix

𝐀=[200βˆ’230021]

Alle elementen boven de diagonaal zijn gelijk aan 0 en de diagonaalelementen zijn alle verschillend, zodat de diagonaalelementen ook de eigenwaarden zijn. Voor een diagonaalvorm van 𝐀 kan men dus nemen:

Ξ›=[100020003]

De transformatie 𝐓 wordt bepaald door de eigenvectoren van 𝐀. Dit zijn: (0,0,1), (1,2,4) en (0,1,1), zodat:

𝐓=[010021141]

Nu volgt:

𝐀n=𝐓Λnπ“βˆ’1=[010021141][1n0002n0003n][βˆ’2βˆ’11100βˆ’210]=[2n00βˆ’2(3nβˆ’2n)3n0βˆ’2(3nβˆ’2n+1+1)3nβˆ’11]

Rij van Fibonacci

Voor het bepalen van het getal f(n) in de rij van Fibonacci is de (nβˆ’1)-ste macht van de volgende matrix nodig:

𝐀=[1110]

De eigenwaarden van de diagonaalvorm Ξ› zijn de oplossingen Ξ» van de karakteristieke vergelijking:

det(π€βˆ’Ξ»πˆ)=|1βˆ’Ξ»11βˆ’Ξ»|=βˆ’Ξ»(1βˆ’Ξ»)βˆ’1=Ξ»2βˆ’Ξ»βˆ’1=0,

met oplossingen:

Ξ»1=1βˆ’52, Ξ»2=1+52.

De eigenvectoren bepalen de matrix:

𝐓=[Ξ»1Ξ»211]

Dus:

𝐀nβˆ’1=𝐓Λnβˆ’1π“βˆ’1=[Ξ»1Ξ»211][Ξ»100Ξ»2]nβˆ’1[βˆ’15Ξ»2515βˆ’Ξ»15]=[Ξ»1nΞ»2nΞ»1nβˆ’1Ξ»2nβˆ’1][βˆ’15Ξ»2515βˆ’Ξ»15]

Hiervan is het element linksboven nodig. Dit levert:

fn=15(Ξ»2nβˆ’Ξ»1n)=15((1+52)nβˆ’(1βˆ’52)n)