Impulsoperator

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Sjabloon:Zijbalk Navigatie Natuurkunde De impulsoperator in de kwantummechanica

p^=i

waarin de nabla is, correspondeert met de impuls

p=mv

in de klassieke mechanica. De impulsoperator wordt gebruikt in het hamiltonformalisme. De hamiltoniaan van een klassiek deeltje kan vertaald worden in de hamiltoniaan van een kwantumdeeltje door substitutie.

De hamiltoniaan van een deeltje met kinetische energie T = ½ . m . v² en potentiële energie U is klassiek

H=T+U=p2/2m+U

zodat de hamiltoniaan in de (niet-relativistische) kwantummechanica is

H^=22m2+U.

Theorie

Klassiek volgt uit de hamiltoniaan H(p,x) de bewegingsvergelijking in één dimensie

p˙=Hx=dUdx=F

waarin F de kracht op een deeltje is.

Kwantummechanisch bepaalt H^ in de tijdonafhankelijke schrödingervergelijking de golffunctie ψ van een deeltje met energie E

H^ψ=Eψ.

De schrödingervergelijking is in de kwantummechanica wat de eerste wet van Newton is in de klassieke mechanica.

De impulsoperator p^ is in overeenstemming met de de Broglie's vergelijking p=k waarin k het golfgetal is van een deeltje. De golffunctie heeft de vorm ψeikx=eipx/ dus

dψdx=ipψofp^ψ=idψdx=pψ;

p is de eigenwaarde van de operator p^.

In drie dimensies is de theorie hetzelfde. p en x zijn dan vectoren en d/dx is de nabla operator.

Toepassingen

Laat vrije elektronen, U=0, met energie E op een potentiaal barrière V>E stuiten.

U=0,x<0
U=V,x>0

Voor x<0 is de schrödingervergelijking

ψl+(2mE/2)ψl=0

een golfvergelijking met oplossing

ψl=Aeiαx+Beiαx,α=2mE/.

Omdat ψl↛0 voor x is het geen acceptabele golffunctie maar wel bruikbaar om reflectie en transmissie te berekenen. ψl is geen kwantummechanische beschrijving van een elektron maar van een elektronbundel.

Voor x>0 is de schrödingervergelijking

ψr=2m(VE)2ψr

met oplossing

ψr=Ceβx+Deβx,β=2m(VE)/.

C=0 zodat ψr0 voor x. De twee oplossingen moeten in x=0 glad aan elkaar passen:

ψl(0)=ψr(0),ψl(0)=ψr(0).

Daaruit volgt:

BA=iα+βiαβ,DA=2iαiαβ.

|B/A|=1 dus er is totale reflectie van de bundel. ψl is een staande golf.

|D/A|0 dus er is penetratie van de bundel. Elektronen hebben een exponentieel afnemende kans ψr2 te komen in x>0 die klassiek ontoegankelijk is.

Een elektron waarop een kracht -sx werkt bij uitwijking x van het evenwichtspunt x=0 slingert met frequentie ω=s/m. De potentiële energie U=½sx² dus de hamiltoniaan in de kwantummechanica is.

H^=22md2dx2+s2x2.

De tijdonafhankelijke schrödingervergelijking heeft alleen acceptabele oplossingen voor de golffunctie ψ als de elektronenergie E waarden heeft

En=(n+1/2)ω,n=0,1,2,

De bijbehorende golffuncties zijn:

ψn(x)=12nn!(mωπ)1/4emωx2/2Hn(mωx),n=0,1,2,

De functies Hn zijn Hermite polynomen:

Hn(x)=(1)nex2dndxn(ex2)

De eerste twee golffuncties zijn:

ψ0=(mω/π)1/4emωx2/2,
ψ1=(mω/4π)1/42(mω/)1/2emωx2/2.

Hieruit blijken twee dingen:

  • De mogelijke E-waarden een discreet spectrum vormen. Klassiek kan het elektron alle waarden E=½sa² hebben (a is de slingeramplitude).
  • In de grondtoestand het elektron niet in rust is, E0 is niet 0. Klassiek is x=p=0 als de slinger in rust is, maar volgens Heisenberg bestaat die toestand niet. Er is een kans ψ02 dat x van 0 verschilt.

Waterstofatoom

In het waterstofatoom is de hamiltoniaan van het elektron in het Coulombveld van de kern klassiek

H=p22me24πϵ0r

en dus kwantummechanisch

H^=22m2e24πϵ0r.

Voor de oplossing van de tijdonafhankelijke schrödingervergelijking. Sjabloon:Zie artikel