Besselfunctie

Uit testwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Vibrerend membraan, voorbeeld van een besselfunctie

Besselfuncties zijn oplossingen van de besselse differentiaalvergelijking. Ze worden zo genoemd naar de wiskundige en astronoom Friedrich Wilhelm Bessel, die de vergelijking uitwerkte. Hij deed dit met het doel de verstoring te berekenen die drie hemellichamen op elkaars baan uitoefenen; voorbereidend werk was door anderen gedaan, maar Bessels vergelijking was meer algemeen geldig. Besselfuncties worden onderscheiden naar besselfuncties van de eerste soort en van de tweede soort. De besselfunctie van de eerste soort van de orde a wordt genoteerd als Ja, en die van de tweede soort van de orde a als Ya.

Toepassingen

De besselvergelijking kan worden gebruikt om oplossingen te vinden voor de vergelijkingen van Laplace en van Helmholtz, wanneer daarbij cilindercoördinaten worden gebruikt. Daardoor zijn besselfuncties vooral van belang bij veel vraagstukken uit de wiskundige natuurkunde, zoals vragen omtrent golfvoortplanting, statische spanning enzovoort. Enkele voorbeelden zijn:

Definitie

Besselfuncties zijn oplossingen y(x) van de besselse differentiaalvergelijking:

x2y(x)+xy(x)+(x2n2)y(x)=0

Oplossingen zijn y(x)=Ja(x) en y(x)=Ya(x).

Voor a zijn Ja en Ja lineair onafhankelijk, zodat voor de algemene oplossing geldt:

y(x)=c1Ja(x)+c2Ja(x)

in het bijzonder is

Ya(x)=Ja(x)cos(aπ)Ja(x)sin(aπ)

Voor a=n is

Jn(x)=(1)nJn(x),

dus zijn Jn en Jn lineair afhankelijk.

Ook is

Yn(x)=(1)nYn(x)

waarin

Yn(x)=limanYa(x)

dus zijn ook Yn en Yn lineair afhankelijk. Wel zijn Jn en Yn lineair onafhankelijk, zodat in dit geval de algemene oplossing geschreven kan worden als

y(x)=c1Jn(x)+c2Yn(x)

De besselfuncties van de eerste soort worden gegeven door de complexe integraal:

Jn(x)=12πiCg(x,z)zn+1dz

met C een geschikte contour en g(x,z) de voortbrengende functie gegeven door:

g(x,z)=ex2(z1z)=n=Jn(x)zn

Eigenschappen van de besselfunctie

De besselfuncties van de eerste soort hebben de machtreeksontwikkeling

Ja(x)=k=0(1)kk!Γ(k+a+1)(x2)2k+a,

die met de methode van Frobenius afgeleid kan worden[1]

De besselfuncties voldoen aan de recursieve betrekkingen:

Jn1(x)+Jn+1(x)=2nxJn(x)
Jn1(x)Jn+1(x)=2Jn(x)

Een berekening leert dat de besselfunctie van de eerste soort en van de nulde orde gegeven wordt door:

J0(x)=2π01cos(xt)1t2dt

Als we J0(x) plotten dan verkrijgen we het volgende resultaat:

Grafische weergave besselfunctie
Grafische weergave besselfunctie

Sjabloon:Clearboth J0(x) bereikt haar maximale amplitude in de oorsprong. Naarmate x zich verwijdert van de oorsprong neemt de amplitude geleidelijk af om dan uiteindelijk te verdwijnen in het oneindige (x+, x).

Sjabloon:Appendix Sjabloon:Commonscat

  1. Abramowitz and Stegun, p. 360, 9.1.10.