RLC-kring

Uit testwiki
Versie door imported>ChristiaanPR op 1 okt 2024 om 21:02
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een RLC-circuit is een elektrisch circuit dat ook wel resonantiekring genoemd wordt. Deze schakeling bestaat uit een weerstand (R), een spoel (L) en een condensator (C), die in serie of parallel zijn geschakeld. Een RLC-circuit wordt een tweede-orde circuit genoemd omdat de spanning of de stroom in het circuit beschreven kan worden met een tweede-orde differentiaalvergelijking.

Elektrische resonantie

In elektronische schakelingen kan resonantie worden bereikt door een spoel en een condensator met elkaar te verbinden, in een LC-kring. Een weerstand is voor de resonantie niet nodig, maar in de praktijk bevindt heeft een stroomkring altijd een zekere weerstand. Deze schakeling wordt vaak als LC-kring aangeduid.

Resonantiefrequentie

Een ideale LC-kring heeft geen weerstand. Als deze kring wordt aangesloten, bijvoorbeeld door de condensator op te laden, ontstaat een oscillatie met frequentie f0, waarbij periodiek energie van de condensator naar de spoel gaat en omgekeerd. Zonder weerstand treden geen verliezen op en zal de kring blijven oscilleren.

De resonantie hoekfrequentie ω0 (in radialen per seconde) wordt gegeven door:

ω0=1LC

waarin

L de zelfinductie van de spoel in henry, en
C de capaciteit van de condensator in farad

De resonantiefrequentie f0 in hertz wordt gevonden uit:

 f0=ω02π=12πLC

Resonantie treedt op wanneer de complexe impedantie ZLC van de LC-kring 0 wordt:

ZLC = ZL + ZC = 0

Beide impedanties zijn een functie van de complexe hoeksnelheid s:

ZL = Ls

Gelijkstellen van deze frequenties en oplossen voor s, levert:

s=±jωo=±j1LC

De resonantie frequentie ωo wordt gegeven in de bovenstaande uitdrukking voor de resonantie hoekfrequentie.

Dempingsfactor

De dempingsfactor van het resonantie circuit (in radialen per seconde) is:

ζ=R2L

Toepassingen van resonantiecircuits vragen om een zo klein mogelijke demping. In praktijk wordt dit bereikt door de weerstand R in het circuit zo klein mogelijk te maken als fysiek mogelijk is. In dit geval wordt het RLC-circuit een goede benadering van het ideale LC-circuit welke in praktijk niet realiseerbaar is. (Zelfs als er geen weerstand in het circuit is opgenomen is er altijd sprake van een zeer kleine maar niet verwaarloosbare weerstand van de draden, componenten en aansluitingen tussen de onderdelen welke niet helemaal kan worden geëlimineerd.)

Karakteristieke impedantie

De karakteristieke impedantie Z 0 (eenheid Ω) geeft het quotiënt van amplitude van spanning en stroom in de LC-kring op de resonantiefrequentie, en wordt berekend uit:

Z0=LC

Kwaliteitsfactor Q

De kwaliteitsfactor Q van het serie geschakelde circuit wordt berekend als de verhouding tussen de resonantiefrequentie ωo en de bandbreedte Δω (in radialen per seconde):

Qs=ωoΔω=ωo2ζ=LRLC=1RLC

Of in hertz:

Qs=foΔf=2πfoLR=1R2C/L=1RLC

Voor het parallel geschakelde circuit:

Qp=1Qs

De kwaliteitsfactor Q is een dimensieloze grootheid.

Circuitanalyse

Serieschakeling van R, L en C met spanningsbron

Er zijn in de volgende stroomkring drie componenten in serie geschakeld met de spanningsbron.

RLC in serie circuit
RLC in serie circuit

Hierin is:

V - spanning van de spanningsbron in volt (V)
I - stroom door het circuit in ampère (A)
R - weerstand in ohm (Ω = V/A)
L - inductie van de spoel in henry (H = V·s/A)
C - capaciteit van de condensator in farad (F = C/V = A·s/V)

De spanning en de stroom zijn variabel in de tijd en worden met een kleine letter aangegeven. Gegeven de parameters v, T, L en C, kan de oplossing voor de stroom i worden gevonden door gebruik te maken van Kirchhoff's spanningswet, zijn tweede wet:

vR+vL+vC=v

Met een wisselende spanning v(t) wordt dit

Ri(t)+Ldidt+1Cti(τ)dτ=v(t)

Het uitwerken van deze vergelijking leidt tot de volgende tweede-orde differentiaalvergelijking:

d2idt2+RLdidt+1LCi(t)=1Ldvdt

We definiëren nu twee kernparameters:

ζ=R2L

en

ω0=1LC

beide worden gemeten in radialen per seconde.

Vervangen van deze parameters in de differentiaalvergelijking levert:

d2idt2+2ζdidt+ω02i(t)=1Ldvdt

Zero input response oplossing

Zero input response wordt tot ZIR afgekort. Schakelen we de spanningsbron op nul, dan krijgen we:

d2idt2+2ζdidt+ωo2i(t)=0

met de initiële conditie voor de stroom door de spoel iL(0) en de spanning over de condensator vC(0). Om de vergelijking netjes op te lossen, hebben we ook de initiële condities voor i(0) en i(0) nodig.

De eerste is al bekend omdat de stroom door de stroomkring ook de stroom door de spoel is. Dus:

i(0)=iL(0)

De tweede is een gevolg van de tweede wet van Kirchhoff:

vR(0)+vL(0)+vC(0)=0
i(0)R+i(0)L+vC(0)=0
i(0)=1L[vC(0)i(0)R]

We hebben nu een homogene tweede-orde differentiaalvergelijking met twee begincondities. Vervangen van de twee parameters ζ en ω0 levert

i+2ζi+ω02i=0

Deze vorm kan worden omgeschreven:

λ2+2ζλ+ω02=0

Door toepassing van de wortelformule kunnen de wortels worden gevonden:

λ=ζ±ζ2ω02

Afhankelijk van de waarden van α en ω0 zijn er drie mogelijke verschillende toestanden:

Overdemping
RLC in serie overgedempt
ζ>ω0RC>4LR

In dit geval zijn de oplossingen van λ2+2ζλ+ω02=0 allebei negatieve reële getallen. Dit geval wordt 'overdemping' genoemd.

De oplossingen voor twee negatieve wortels zijn:

i(t)=Aeλ1t+Beλ2t
Kritische demping
RLC in serie kritisch gedempt
ζ=ω0RC=4LR

In dit geval zijn de oplossingen van de karakteristieke polynoom gelijke negatieve reële getallen. Dit geval wordt kritische demping genoemd.

De twee wortels zijn identiek: λ1=λ2=λ, de oplossingen zijn:

i(t)=(A+Bt)eλt

voor willekeurige constanten A en B.

Onderdemping
ζ<ω0RC<4LR

In dit geval zijn de oplossingen complex geconjugeerde, en hebben ze een negatief reëel deel. Deze situatie wordt 'onderdemping' genoemd en leidt tot oscillatie, tot resonantie in het circuit. De oplossing bestaat uit twee geconjugeerde wortels

λ1=ζ+iωc

en

λ2=ζiωc

waarin

ωc=ωo2ζ2

De oplossingen zijn:

i(t)=Ae(ζ+i)t+Be(ζiωc)t

voor willekeurige constanten A en B.

Gebruik makend van de formule van Euler kan de oplossing worden vereenvoudigd tot:

i(t)=eζt[Csin(ωct)+Dcos(ωct)]

voor willekeurige constanten C en D.

Deze oplossingen worden gekarakteriseerd door een exponentieel afvallende sinusvormige respons. De tijd die nodig is voor de oscillatie om uit te sterven hangt af van de kwaliteitsfactor Q van het circuit. Hoe hoger de kwaliteitsfactor, des te langer het duurt voor de oscillatie is uitgestorven.

Websites